De sonnettenschrijver

Twee mensen reageerden op mijn eerdere gedichtinterpretaties door van het oorspronkelijke gedicht, het gedicht dat ik besprak, een sonnet te maken. Ik kreeg een visioen van utopische wereld waarin mensen dag in dag uit de werkelijkheid versonnetteren. Voor die mensen dit sonnet.

Het heden is de derde ruimte (Sasja Janssen)

De met de Awater Poëzieprijs bekroonde bundel Mijn vader zegt entropie mijn moeder logica (2024) van Sasja Janssen bestaat uit vijf afdelingen met titels die aan bloemen refereren. Dat geldt ook voor het motto van de bundel, een citaat van de Oekraïens-Braziliaanse schrijfster Clarice Lispector: ‘Het is mijn ontmoeting met mijn lot, die riskante ontmoeting met de bloem.’

De afdelingen zijn omkleed met gedichten waarin geprobeerd wordt het heden te begrijpen, met titels die een poging tot definiëren lijken, zoals ‘het heden is een lach in het donker’, ‘het heden is een gramarijn’, etc.  Ook in deze losse gedichten zijn er volop ontmoetingen met bloemen; alles geurt, bloeit, stuift, kleurt en bloesemt in deze bundel.

Hier is het gedicht Het heden is de derde ruimte:

Lees verder “Het heden is de derde ruimte (Sasja Janssen)”

Iets drijft van me weg… (Paul Demets)

De bundel De schaamsoort (2024), waarmee Paul Demets de Grote Poëzieprijs won, eindigt met een brief van Demets gericht aan de Vlaamse dichter Guido Gezelle (1830-1899). ‘Fragmenten van uw werk kropen onder de huid van mijn poëzie. Ze gaan een dialoog aan met mijn gedichten, duiken erin op, terwijl ze niet noodzakelijk over hetzelfde gaan,’ schrijft Demets. ‘Ik wou uw werk niet imiteren of becommentariëren. Ik heb mijn gedichten wel door die van u laten contamineren.’

Lees verder “Iets drijft van me weg… (Paul Demets)”